mijn kleding gladgestreken
maar mijn gezicht kent plooien
en als je ooit zou spreken zou je
zeggen dat emoties en woorden
nou eenmaal niet goed samen gaan
ik ben geen legerofficier
soldaat noch vijand
als het mij niet pijnigt
spreek dan niet
als het mij niet heelt
wees dan stil
ik weer je weer
mijn lijf gekreukeld
de streling van toen:
mijn bloedeigen handen
die ik opwacht en
tegemoet kom
met mijn oppervlak
mijn kleding zorgvuldig gladgestreken
en mijn huid zoekt wanhopig plooien
en als ik ooit zou spreken zou ik zeggen
dat verlangen vals kan worden en dat
valsheid ook verlangens kent
wend je ogen af
als hij je aankijkt
en ik versier mijn
huis en haard met
irissen en anjers
ik weer het weer
speel jij de parten en
sla jij de genade gade
en ik laat je ijken en
vooruit dan maar:
ik laat je zijn
doch enkel nog mijn
linker onderarm
behoort tot jouw
terrein